ECLI:NL:RBMNE:2026:1631
Rechtbank Midden-Nederland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling beroep tegen omgevingsvergunning voor kap van drie bomen in Utrecht
De gemeente Utrecht heeft een omgevingsvergunning verleend voor het kappen van drie bomen ten behoeve van de herinrichting van de Weerdsingel Oostzijde. Zeven van de acht eisers werden door de rechtbank niet-ontvankelijk verklaard omdat zij geen gevolgen van enige betekenis ondervinden van de kap, gelet op afstand en gebrek aan zicht op de bomen.
De achtste eiser, die binnen 80 meter van de kaplocatie woont en zicht heeft op een van de bomen, werd wel ontvankelijk verklaard. Deze eiser voerde aan dat de bomen ecologische, milieu- en cultuurhistorische waarde hebben en dat het participatieproces onbevredigend was verlopen.
De rechtbank oordeelde dat het college terecht is uitgegaan van de adviezen van een boomtechnisch adviseur en een ecologisch adviesbureau, die concludeerden dat de bomen geen bovengemiddelde waarde hebben en dat het kappen geen risico vormt voor beschermde flora en fauna. De herplantplicht van zes bomen weegt zwaarder dan de waarden van de te kappen bomen.
Het participatieproces, hoewel door eiser als onbevredigend ervaren, vormt geen grond voor vernietiging van het besluit. Het beroep van de achtste eiser is ongegrond en de omgevingsvergunning blijft ongewijzigd van kracht.
Uitkomst: Het beroep van zeven eisers is niet-ontvankelijk en het beroep van de achtste eiser ongegrond verklaard; de omgevingsvergunning voor het kappen van drie bomen blijft in stand.