ECLI:NL:RBMNE:2026:366
Rechtbank Midden-Nederland
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening tegen kapvergunning Weerdsingel Utrecht
Verzoekers hebben bezwaar gemaakt tegen een kapvergunning verleend door het college van burgemeester en wethouders van Utrecht voor het kappen van drie bomen in het kader van de herinrichting van de Weerdsingel OZ. Na afwijzing van het bezwaar hebben zij beroep ingesteld en een voorlopige voorziening gevraagd om de kap te voorkomen of uit te stellen tot onherroepelijkheid van alle benodigde besluiten.
Tijdens de zitting op 27 januari 2026 heeft de gemeente verklaard dat de kap van de bomen niet meer in maart 2026 zal plaatsvinden, maar niet eerder dan september 2026. Tevens is toegezegd dat verzoekster tijdig zal worden geïnformeerd over de start van de werkzaamheden. De voorzieningenrechter oordeelt dat hierdoor geen onverwijlde spoed aanwezig is.
De voorzieningenrechter concludeert dat ten aanzien van het spoedeisend belang het verzoek niet kan worden toegewezen en wijst het verzoek om voorlopige voorziening af. Tegen deze mondelinge uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening tegen de kapvergunning wordt afgewezen wegens het ontbreken van een spoedeisend belang.