Uitspraak
uitspraak van de enkelvoudige kamer van 29 augustus 2024 in de zaak tussen
[eiser 1] en [eiser 2] uit [woonplaats] , eisers
Inleiding
Buiten bovenstaande acties gaan wij hierbij in bezwaar tegen het door u afgeven van de van rechtswege vergeven vergunning voor de sloot-demping-werkzaamheden op [.]”.
Beoordeling door de rechtbank
nietniet-ontvankelijk zou worden verklaard als zij van die gelegenheid gebruik zouden maken. De brief maakt geen enkel voorbehoud en geeft geen aanleiding om er rekening mee te houden dat daarop later zou worden teruggekomen.
- cultuurhistorische waarde: belang in geschiedkundig opzicht, onder andere met betrekking tot het ontstaan van het gebied, zoals onder meer tot uitdrukking komt in het kavelpatroon, de waterhuishouding, de beplanting en de (voormalige) bebouwing;
- landschapswaarden: de aan een gebied toegekende waarde wat betreft het waarneembare deel van het aardoppervlak, welke waarde wordt bepaald door de herkenbaarheid en identiteit van bodem, water, terreinvormen, niet-levende en levende natuur en het menselijk grondgebruik in onderlinge samenhang en wisselwerking;
- natuurwaarden: de aan een gebied toegekende waarde in verband met de geologische, bodemkundige en ecologische elementen voorkomende in dat gebied.
bevoegdheidom een aanlegvergunning te verlenen moet dus worden onderscheiden van de
voorwaardenom toepassing te geven aan die bevoegdheid. De rechtbank verwijst naar de eerdere rechtspraak hierover. [5]
Conclusie en gevolgen
Beslissing
- verklaart het beroep gegrond;
- vernietigt de beslissing op bezwaar van 15 december 2023;
- verklaart het bezwaar ongegrond en bepaalt dat deze uitspraak in zoverre in de plaats treedt van de vernietigde beslissing op bezwaar;
- draagt het college op het betaalde griffierecht van € 187,- aan eisers te vergoeden;
- veroordeelt het college in de proceskosten van eisers tot een bedrag van € 21,46.
de uitspraak te ondertekenen