Uitspraak
uitspraak van de meervoudige kamer van 19 augustus 2024 in de zaak tussen
[eiser 1] ,
Inleiding
- de gemachtigden van het college, zij werden vergezeld door [B] ,
- namens [vergunninghouder] B.V. en [horecagelegenheid] B.V.: [A] , bijgestaan door zijn gemachtigde;
- namens [exploitant] B.V.: [E] en [F] , bijgestaan door hun gemachtigde.
Beoordeling door de rechtbank
7 november 2022 – gedaan. De rechtbank heeft de beroepsgronden in ieder geval binnen een week na afloop van de aan eisers gegeven termijn ontvangen. De rechtbank heeft echter niet (meer) kunnen vaststellen wanneer eisers hun beroepsgronden ter post hebben bezorgd. De rechtbank moet er daarom van uitgaan dat eisers de gronden voor het einde van de gegeven termijn ter post hebben bezorgd. [5] Dit betekent dat de gronden op tijd zijn ingediend en dat het beroep ontvankelijk is. De rechtbank zal het beroep van eisers in deze uitspraak inhoudelijk beoordelen.