Uitspraak
RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND
1.ONDERZOEK TER TERECHTZITTING
2.TENLASTELEGGING
subsidiair:
meer subsidiair:
subsidiair:
meer subsidiair:
3.VOORVRAGEN
4.HOOFDVRAGEN
5.BEWIJS
uitsluitingalleen betrekking kan hebben op belastend bewijs. Deze rapporten van IFS bevatten echter geen belastend bewijs. Bij de beantwoording van de vraag of de rapporten ontlastend bewijs bevatten, zal de rechtbank de rapporten beoordelen op basis van de inhoud. Bij die beoordeling kan dan zo nodig ook aan de orde komen welke invloed de beperkingen die hiervoor zijn genoemd, hebben voor de waardering van de inhoud van de rapporten.
inhoudvan de gedane uitlatingen is in ieder geval niet verenigbaar met een positie als onafhankelijke deskundige. Een deskundige zal immers alleen de bevindingen kunnen duiden van zijn eigen onderzoek en die zich bevinden binnen zijn deskundigheidsgebied. Een oordeel of het misdrijf is gepleegd door één of meerdere daders zal alleen kunnen worden gevormd na kennisneming van alle relevante feiten en omstandigheden van de zaak. De desbetreffende deskundigen van IFS zijn hun onafhankelijke taak als deskundige bij hun publieke optreden te buiten gegaan.
volledigDNA-profiel afgeleid dat overeenkomt met het DNA-profiel van [slachtoffer] . In de tabel waarin de resultaten, interpretatie en conclusie van het vergelijkend DNA-onderzoek zijn weergegeven (Forensisch dossier, pagina 532) staat bij dit spoor de aanduiding ‘met bloed’. Deskundige Warnaar heeft ter zitting van 8 mei 2017 verklaard dat dit betekent dat een tetrabase test is uitgevoerd en dat deze positief was. In die bemonstering is bloed aangetoond. De kans dat [slachtoffer] de donor is van dit bloed is volgens Warnaar in de orde van 95% of hoger. Deskundige P.J. Herbergs heeft deze conclusie ter zitting van 8 mei 2017 onderschreven.
De rechtbank stelt, gelet op het voorgaande, vast dat het celmateriaal waaruit het DNA-profiel van [slachtoffer] is afgeleid, bloed betreft.
verdachte(n). De rechtbank heeft geconstateerd dat uit al het onderzoeksmateriaal dat is afgenomen van de diverse sporendragers geen enkel (volledig) profiel is verkregen van een onbekende derde. Van de aangetroffen losse DNA-kenmerken in de woning van [slachtoffer] en in de auto van verdachte geldt dat het volgens deskundige Warnaar gaat om DNA-kenmerken die (zeer) algemeen voorkomen in de Nederlandse bevolking. Verder heeft de deskundige aangegeven dat ‘vreemd DNA’ op de plekken waar het is aangetroffen ook wordt verwacht. Dat komt doordat menselijk DNA heel veel voorkomt in de dagelijkse omgeving en mensen bij contact met voorwerpen of verblijf in een omgeving celmateriaal achterlaten en overdragen. Het ligt dus voor de hand dat in een auto of in een woning onbekende DNA-kenmerken worden aangetroffen, ook als er geen misdrijf heeft plaatsgevonden.
kenmerkenzijn aangetroffen op, bijvoorbeeld, de handdoek die naast [slachtoffer] lag, op kledingstukken van [slachtoffer] en in de auto van verdachte. Dat zich vreemde DNA-kenmerken bevinden op deze plekken, is te verwachten. Deze kenmerken betreffen niet noodzakelijkerwijs ook kenmerken van een dader en zijn ook in geen enkel geval te herleiden geweest tot een bepaalde (onbekende) persoon.
6.BEWEZENVERKLARING
7.STRAFBAARHEID VAN DE FEITEN
8.STRAFBAARHEID VAN VERDACHTE
9.OPLEGGING VAN STRAF
10.BESLAG
11.BENADEELDE PARTIJEN
€ 3.047,65
12.TOEPASSELIJKE WETTELIJKE VOORSCHRIFTEN
13.BESLISSING
gevangenisstrafvan
18 jaren;
- verklaart [benadeelde 2] niet-ontvankelijk in de vordering en bepaalt dat de vordering kan worden aangebracht bij de burgerlijke rechter;
- veroordeelt [benadeelde 2] in de kosten van de verdachte voor zover deze betrekking hebben op het verweer tegen de vordering. Deze kosten worden tot op dit moment begroot op nihil.