Uitspraak
RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND
uitspraak van de meervoudige kamer van 7 juli 2014 in de zaak tussen
Procesverloop
Overwegingen
- Artikel 3:10 1e lid, sub e onder 1 APV: aanwijzingen dat personen werkzaam zijn of zullen zijn in strijd met artikel 273f Sr of met het bij of krachtens de Wet arbeid vreemdelingen of de Vreemdelingenwet 2000 bepaalde;
- (…).
- het slachtoffer wordt bedreigd of geconfronteerd met geweld;
- het slachtoffer draagt sporen van lichamelijke mishandeling zoals blauwe plekken;
- het slachtoffer mag zich niet in vrijheid bewegen; wordt altijd begeleid naar overheidsinstanties;
- het slachtoffer betaalt uitzonderlijk hoge huur;
- het slachtoffer maakt uitzonderlijk lange werkdagen of werkweken;
- het slachtoffer heeft uiterlijke kenmerken, zoals tatoeages, die duiden op afhankelijkheid;
- het slachtoffer moet (een gedeelte van) de verdiensten afstaan;
- het slachtoffer wordt van en naar haar werkplek gebracht en heeft geen zelfstandige bewegingsvrijheid;
- het slachtoffer werkt afwisselend op verschillende plaatsen.