Uitspraak
RECHTBANK LIMBURG
uitspraak van de meervoudige kamer van 18 februari 2022 in de zaak tussen
[eiseres] , uit [woonplaats] , eiseres
Procesverloop
Overwegingen
Zijn de inkomsten uit pgb inkomsten die op de WGA-uitkering gekort (hadden) moeten worden?
dater teveel WIA-uitkering is verstrekt over de periode van 13 februari 2013 tot en met 31 december 2019, om hoeveel het gaat en
datdit bedrag terugbetaald moet worden. De mededelingen kunnen bezwaarlijk anders gezien worden dan als een terugvorderingsbeslissing. Temeer nu als bijlage bij de brief een berekening van het bruto ten onrechte ontvangen bedrag is gevoegd, waarbij ook de terminologie ‘terugvordering’ is gebruikt. Over
hoeterugbetaald moet worden – bedoeld is de invordering - heeft verweerder aangekondigd een aparte brief te sturen.
“Volgens de wet is voor terugvordering vatbaar de onverschuldigd betaalde uitkering alsmede hetgeen anderszins onverschuldigd is betaald. (…) Wat uitkeringen betreft is het uitgangspunt voor terugvordering de bruto-uitkering (…). Vindt de terugbetaling plaats binnen hetzelfde lopende belastingboekjaar als waarin de onverschuldigde betaling plaatsvond, dan behoeven ook de loonbelasting en de premies volksverzekeringen niet te worden terugbetaald en kan met terugbetaling van het netto-bedrag volstaan worden. De uitvoeringsinstellingen kunnen namelijk te hoge afdrachten aan loonbelasting en premies volksverzekeringen, bezien over het geheel van uitkeringen, binnen hetzelfde belastingboekjaar verrekenen met de nog aan de fiscus af te dragen heffingen. De fiscus aanvaardt deze handelwijze, indien althans aan het einde van het belastingboekjaar de bedragen op de individuele jaaropgaven correct weergeven wat voor de uitkeringsgerechtigde had moeten worden afgedragen. De fiscus staat een dergelijke verrekening niet toe in geval het belastingboekjaar is afgesloten.”