ECLI:NL:RBHAA:2011:BU3888
Rechtbank Haarlem
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling tijdigheid bezwaarschrift inkomstenbelasting 2009
Eiser maakte bezwaar tegen een aanslag inkomstenbelasting 2009, die was opgelegd op 10 november 2010. Het bezwaarschrift was gedagtekend op 21 december 2010, maar werd pas op 27 december 2010 ontvangen door de Belastingdienst. De termijn voor het indienen van bezwaar eindigde op 22 december 2010.
De kern van het geschil betrof de vraag of het bezwaarschrift tijdig ter post was bezorgd. De enveloppe droeg een poststempel van 23 december 2010, hetgeen volgens vaste rechtspraak als bewijsrechtelijk uitgangspunt geldt. Eiser stelde dat het bezwaarschrift eerder, op 21 december 2010, was gepost, maar kon dit niet aannemelijk maken. De rechtbank oordeelde dat de stellingen onvoldoende waren om van het uitgangspunt af te wijken.
De rechtbank wees erop dat de bewijslast voor het aantonen van tijdige postbezorging bij eiser lag. Ook de door eiser aangevoerde kerstdrukte was onvoldoende om aan te nemen dat poststukken later werden afgestempeld. Gezien het ontbreken van bewijs werd het bezwaarschrift als niet tijdig ingediend beschouwd en het beroep ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep wordt ongegrond verklaard omdat het bezwaarschrift te laat ter post is bezorgd.