Uitspraak
RECHTBANK GELDERLAND
uitspraak van de enkelvoudige kamer van
[eiseres] uit [plaats], eiseres
Samenvatting
Procesverloop
Beoordeling door de rechtbank
.Deze toegenomen psychische klachten hadden bovendien tot meer beperkingen moeten leiden in haar persoonlijk en sociaal functioneren. Op de zitting heeft eiseres toegelicht dat zij samen met haar gemachtigde het CBBS is langsgelopen en dat zij van mening zijn dat zij ook geen afleiding door activiteiten van anderen aankan (item 1.8.1), een voorspelbare werksituatie nodig heeft (item 1.8.2) en een werksituatie zonder veelvuldige storingen en onderbrekingen (item 1.8.3). Ook zou eiseres beperkt moeten worden geacht in het hanteren van emotionele problemen van anderen (item 2.6), het omgaan met conflicten (item 2.8) en samenwerken (item 2.9).
Verder vindt eiseres dat de verzekeringsarts zonder goede reden de duurbelastbaarheid van 4 uur per dag heeft opgerekt naar 5 uur per dag. Tijdens de zitting heeft eiseres aangegeven dat de verzekeringsarts deze duurbelastbaarheid zou hebben opgerekt na overleg met de arbeidsdeskundige. Bovendien heeft de verzekeringsarts b&b geen rekening gehouden met de gevolgen van haar migraineklachten bij het vaststellen van de urenbeperking. Uit de brief van 31 oktober 2022 van de neuroloog van eiseres volgt namelijk dat haar wekelijks voorkomende hoofdpijnaanvallen tot drie dagen kunnen duren. Hieruit zou geconcludeerd moeten worden dat zij gemiddeld 2 uur per dag, maar zeker niet meer dan 4 uur per week beschikbaar is.
Wat betreft de gestelde toegenomen klachten heeft de verzekeringsarts b&b geconcludeerd dat uit het huisartsenjournaal niet blijkt dat de medische situatie van eiseres na het onderzoek door de verzekeringsarts in augustus 2023 is verslechterd. Uit dit huisartsenjournaal blijkt namelijk dat eiseres op 19 september 2023 heeft laten weten een stijgende lijn te ervaren. Ze ervaart minder onrust in haar hoofd en ze heeft de knop gevonden om er weer voor te gaan. De rechtbank kan deze conclusie van de verzekeringsarts b&b volgen. Eiseres heeft haar standpunt dat sprake is van toegenomen psychische klachten ook niet onderbouwd met andere medische stukken, zoals een doorverwijzing naar een psycholoog.
De rechtbank volgt daarom evenmin het standpunt van eiseres dat vanwege deze toegenomen klachten aanvullende beperkingen voor arbeid aangenomen hadden moeten worden. Dat eiseres zich niet herkent in de conclusies van de verzekeringsartsen maakt het oordeel niet anders. Hoewel de rechtbank begrip heeft voor de beleving van eiseres van haar klachten, betekent het hebben van klachten nog niet dat er ook (ernstigere) beperkingen voor arbeid moeten worden aangenomen in de FML. De beleving van klachten is volgens vaste rechtspraak namelijk niet beslissend bij de beantwoording van de vraag welke beperkingen bij eiseres zijn vast te stellen. [1] Alleen de medisch te objectiveren beperkingen zijn daarbij van belang.