Eiser vordert een verklaring voor recht en schadevergoeding wegens vermeend onzorgvuldig en onrechtmatig handelen van de gerechtelijk deskundige die een taxatierapport heeft uitgebracht in een eerdere procedure over de waarde van een perceel. Eiser stelt dat de deskundige onzorgvuldig is geweest in de keuze van waarderingsmethode, de gehanteerde parameters en de onderbouwing van zijn rapport.
De rechtbank bespreekt uitgebreid de verschillende verwijten, waaronder vermeende partijdigheid, de keuze voor de residuele methode boven de comparatieve methode, de betrouwbaarheid van de berekeningen, de analyse van vergelijkbare transacties, en het niet meenemen van bepaalde omstandigheden zoals de onzekerheid over realisatie van het ontwikkelprogramma en de waardering van een tweede bouwkavel.
De rechtbank oordeelt dat de deskundige de nodige vrijheid had in zijn onderzoeksmethode en dat de gemaakte keuzes voldoende zijn gemotiveerd en door de rechtbank Noord-Holland als toereikend zijn beoordeeld. De verwijten van eiser leiden niet tot de conclusie dat de deskundige onzorgvuldig of onpartijdig heeft gehandeld. Ook is onvoldoende gesteld dat eiser nadeel heeft ondervonden door het handelen van de deskundige.
De vorderingen worden daarom afgewezen en eiser wordt veroordeeld in de proceskosten. De rechtbank verklaart het vonnis uitvoerbaar bij voorraad.