Uitspraak
tussenuitspraak van de meervoudige kamer van 12 september 2023
in de zaak tussen
[A] B.V., uit [plaats F] ,
het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Ede, verweerder
[G] B.V.te [plaats F] , de vergunninghouder
Rechtbank Gelderland
In deze bestuursrechtelijke tussenuitspraak beoordeelt de rechtbank Gelderland het beroep van meerdere eisers tegen de omgevingsvergunning van 8 november 2021 voor een vleeskuikenhouderij. De vergunning betreft een milieuneutrale wijziging waarbij het aantal dieren aanzienlijk is verminderd en het huisvestingssysteem is aangepast. Eisers, waaronder omwonenden en de eigenaar van het perceel, betwisten onder meer de juiste toepassing van de voorbereidingsprocedure en het ontbreken van een m.e.r.-beoordeling.
De rechtbank stelt vast dat het college ten onrechte de uitgebreide voorbereidingsprocedure heeft gevolgd in plaats van de reguliere, maar passeert dit gebrek omdat geen belangen zijn geschaad. Wel oordeelt de rechtbank dat het college onterecht heeft afgezien van een vormvrije m.e.r.-beoordeling, terwijl dit op grond van het Besluit milieueffectrapportage wel vereist was. Daarnaast ontbreekt het dimensioneringsplan van de warmtewisselaar, waardoor een goede beoordeling van geurhinder niet mogelijk is.
De rechtbank draagt het college op binnen acht weken de gebreken te herstellen door alsnog een m.e.r.-beoordelingsbesluit te nemen en het dimensioneringsplan toe te voegen. Het college moet binnen twee weken melden of het van deze herstelmogelijkheid gebruikmaakt. De procedure wordt aangehouden tot de einduitspraak, waarbij nieuwe geschilpunten in principe niet worden toegelaten. Over proceskosten wordt nog geen beslissing genomen.
Uitkomst: Het college krijgt de gelegenheid om binnen acht weken de gebreken in de m.e.r.-beoordeling en motivering van de omgevingsvergunning te herstellen.