Uitspraak
RECHTBANK GELDERLAND
1.De procedure
- het tussenvonnis van 4 augustus 2021
- de nagekomen producties van Woonwereld
2.De feiten
“aansprakelijkstelling”en daarin onder meer opgenomen dat op de datum van de brief een opeisbare huurschuld bestond van € 46.179,56 euro exclusief btw, dat Woonwereld op 20 juli 2020 heeft geconstateerd dat het gehuurde leeg staat en dat [gedaagde] persoonlijk aansprakelijk wordt gesteld voor de schade die Woonwereld heeft geleden en mogelijk nog zal lijden.
3.Het geschil
4.De beoordeling
1.442,00(2,0 punten × tarief € 721,00)