Uitspraak
RECHTBANK GELDERLAND
1.De procedure
2.De feiten
3.Het geschil
4.De beoordeling
1.390,00(2,0 punten × tarief € 695,00)
Rechtbank Gelderland
In deze zaak vordert Nationale-Nederlanden Schadeverzekering Maatschappij N.V. (NN) betaling van schadevergoeding en incassokosten van de bezitter van een paard, dat tijdens een keuring in een dierenartsenpraktijk schade aan een röntgenapparaat veroorzaakte. Het geschil draait om de vraag of de bezitter aansprakelijk is op grond van artikel 6:179 BW Pro, dan wel dat de aansprakelijkheid op de kliniek rust op grond van artikel 6:181 lid 1 BW Pro.
De rechtbank stelt vast dat de bezitter het paard was ten tijde van de schade en dat de kliniek het paard slechts onderzocht en niet bedrijfsmatig gebruikte in de zin van artikel 6:181 BW Pro. De aansprakelijkheid blijft daarom bij de bezitter. Het beroep op de zogenaamde tenzij-clausule van artikel 6:179 BW Pro faalt omdat de bezitter de gedraging van het paard niet onder controle had, maar dit ook niet relevant is voor de aansprakelijkheid.
Verder wijst de rechtbank het verweer van eigen schuld af, omdat de kliniek voldoende zorgvuldige maatregelen heeft getroffen om schade te voorkomen. De gevorderde schadevergoeding van € 26.850,00, de expertisekosten en buitengerechtelijke incassokosten worden toegewezen. De bezitter wordt veroordeeld tot betaling van deze bedragen, rente en proceskosten. Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad.
Uitkomst: De bezitter van het paard is aansprakelijk voor de schade aan het röntgenapparaat en wordt veroordeeld tot betaling van de schadevergoeding, rente en proceskosten.