Uitspraak
RECHTBANK GELDERLAND
uitspraak van de meervoudige belastingkamer van
[eiser] , te [woonplaats] , eiser,
de inspecteur van de Belastingdienst, kantoor Eindhoven, verweerder,
Procesverloop
Overwegingen
- De moeder van [persoon E] had longvlieskanker en had dus waarschijnlijk niet lang meer te leven;
- [persoon H] was als adviseur actief betrokken bij [persoon E] en wist van diens financiële problemen, want [persoon E] had hem om advies gevraagd;
- [persoon H] heeft eiser in de gelegenheid gesteld contact te leggen met [persoon E] ;
- Eiser heeft verklaard dat hij geen kennis van de lokale markt had, geen inzage heeft gehad in gegevens van het Kadaster en niet beschikte over de WOZ-gegevens van de panden en dat hij eigenlijk geen interesse had in het pand in [plaats 1] en dit zo snel mogelijk wilde verkopen;
- Eiser heeft verklaard dat [persoon E] hem heeft meegedeeld dat hij in een financiële dwangpositie verkeerde;
- In een e-mail van [persoon E] aan de notaris van 8 januari 2009 is de koopsom van € 137.500 onderverdeeld in € 47.500 voor [plaats 1] en € 90.000 voor [plaats 2] ;
- Eiser heeft zich niet eerder ingelaten met beleggingen in onroerende zaken;
- De WOZ-waarde van het pand in [plaats 2] was in 2009 € 65.000 en in 2010 € 90.000.
Beslissing
- verklaart het beroep gegrond;
- vernietigt de uitspraak op bezwaar;
- vernietigt de navorderingsaanslag, de beschikking heffingsrente en de boetebeschikking;
- veroordeelt de Staat aan eiser een vergoeding voor immateriële schade te betalen van € 1.000;
- veroordeelt verweerder in de proceskosten van eiser tot een bedrag van € 7,25;
- gelast dat verweerder en de Staat van het betaalde griffierecht elk € 23 aan eiser vergoeden.
2 - het beroepschrift moet ondertekend zijn en ten minste het volgende vermelden:
a. de naam en het adres van de indiener;