Uitspraak
RECHTBANK GELDERLAND
1.Het procesverloop
2.De feiten
3.Het verzoek en het verweer
4.De beoordeling
NJ1965, 340).
5.De beslissing
- [minderjarige sub 1]en,
- [minderjarige sub 2],
Rechtbank Gelderland
Partijen hadden een relatie waaruit twee minderjarige kinderen zijn geboren. De man betaalde kinderalimentatie op grond van een beschikking van januari 2016. De vrouw trouwde op 20 oktober 2016 met een nieuwe echtgenoot die de kinderen erkende. Hierdoor verviel de onderhoudsplicht van de man vanaf die datum.
De man was niet op de hoogte van de erkenning en betaalde tot november 2018 alimentatie. De rechtbank oordeelde dat deze betalingen onverschuldigd waren omdat de onderhoudsplicht vanaf de erkenningsdatum was komen te vervallen. De vrouw moet het bedrag van €8.612,12 terugbetalen, inclusief kosten van het LBIO.
Gelet op de financiële situatie van de vrouw werd terugbetaling toegestaan in acht termijnen van drie maanden. De rechtbank paste analoog jurisprudentie toe en stelde dat de terughoudende maatstaf voor terugbetaling niet van toepassing was omdat de onderhoudsplicht onherroepelijk was geëindigd op de erkenningsdatum.
Uitkomst: De vrouw moet €8.612,12 aan onverschuldigde kinderalimentatie terugbetalen in maximaal acht termijnen.