Uitspraak
RECHTBANK GELDERLAND
uitspraak van de meervoudige belastingkamer van 20 september 2017
[X] , te [Z] , eiser
de inspecteur van de Belastingdienst, kantoor Eindhoven, verweerder,
de Staat der Nederlanden, hierna: de Staat.
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
- verklaart het beroep gegrond;
- vernietigt de uitspraak op bezwaar;
- stelt de naheffingsaanslag omzetbelasting over het tijdvak 2007 - 2009 vast op € 50.482;
- vermindert de beschikking heffingsrente dienovereenkomstig;
- vermindert de boetebeschikking tot € 9.880;
- bepaalt dat deze uitspraak in zoverre in de plaats treedt van de vernietigde uitspraak op bezwaar;
- veroordeelt verweerder tot het vergoeden van de door eiser geleden immateriële schade tot een bedrag van € 1.250;
- veroordeelt de Staat tot het vergoeden van de door eiser geleden immateriële schade tot een bedrag van € 750;
- veroordeelt verweerder in de proceskosten van eiser tot een bedrag van € 2.100;
- draagt verweerder op het betaalde griffierecht van € 165 aan eiser te vergoeden.
Rechtsmiddel
2 - het beroepschrift moet ondertekend zijn en ten minste het volgende vermelden:
a. de naam en het adres van de indiener;