Uitspraak
RECHTBANK GELDERLAND
uitspraak van de meervoudige belastingkamer van 25 oktober 2016
[X] , te [Z] , eiser,
de inspecteur van de Belastingdienst, kantoor Enschede, verweerder.
Procesverloop
Overwegingen
Samenvatting van uw bezwaar
Beoordeling van uw bezwaar
Beslissing
- verklaart de beroepen ter zake van de navorderingsaanslag IB/PVV 2010 en de aanslag IB/PVV 2012 en de daarbij opgelegde boetebeschikkingen en beschikkingen heffingsrente en belastingrente gegrond;
- vernietigt de desbetreffende uitspraken op bezwaar;
- vermindert de navorderingsaanslag IB/PVV 2010 tot een navorderingsaanslag berekend naar een belastbaar inkomen uit werk en woning van € 108.222;
- vermindert de beschikking heffingsrente dienovereenkomstig;
- vermindert de boete tot 38% van de IB/PVV over € 88.802;
- vermindert de aanslag IB/PVV 2012 tot een aanslag berekend naar een belastbaar inkomen uit werk en woning van € 137.326;
- vermindert de beschikking belastingrente dienovereenkomstig;
- vermindert de boete tot 38% van de verschuldigde IB/PVV;
- bepaalt dat deze uitspraak in zoverre in de plaats treedt van de vernietigde uitspraken op bezwaar;
- verklaart het beroep ter zake van de aanslag IB/PVV 2011 niet-ontvankelijk;
- draagt verweerder op het betaalde griffierecht van € 45 aan eiser te vergoeden.
2 - het beroepschrift moet ondertekend zijn en ten minste het volgende vermelden:
a. de naam en het adres van de indiener;