Uitspraak
RECHTBANK Den Haag
1.DE STAAT DER NEDERLANDEN, te Den Haag,
MARK RUTTE,te Den Haag,
1.Waar gaat deze zaak over?
2.De procedure
- de dagvaarding van 11 april 2023 met producties 1 tot en met 4;
- de conclusie van antwoord, tevens houdende incidentele vordering tot verwijzing naar de sector civiel;
- het vonnis van de kantonrechter van 24 augustus 2023 waarbij de zaak is verwezen naar de rechtbank Den Haag, Team Handel;
- de akte wijziging van eis van 9 december 2024 met producties 5 tot en met 7;
- de akte van de Staat en Rutte van 8 januari 2025 waarin bezwaar wordt gemaakt tegen de eiswijziging, met producties 1 tot en met 3;
- het bericht van [eiser] van 14 mei 2025 waarin hij aangeeft dat de eiswijziging moet worden toegelaten;
- de akte overlegging producties van [eiser] van 4 maart 2026 met producties 8 tot en met 11.
3.De feiten
second opinionuit [te, rb.] laten voeren, waarbij die
second opinionbetrekking heeft op de vraag of de minister van Financiën, in het kader van het ‘kinderopvangtoeslagdossier’, “
op basis van de[hem]
ter beschikking staande informatie gehouden zou zijn aangifte te doen van het vermoeden van (ambts)misdrijven”.
Had u de affaire Groningen en de toeslagenaffaire kunnen voorkomen?
4.Het geschil
- voor recht verklaart dat de Staat en Rutte in de toeslagenaffaire onrechtmatig hebben gehandeld jegens [eiser] , gelet op de onderhandse akten van gedupeerden die [eiser] heeft ingebracht, met vergoeding van de daardoor ontstane schade op te maken bij staat en te vereffenen volgens de wet;
- de Staat en Rutte veroordeelt in de proceskosten.
5.De beoordeling
kunnenoverdragen.