ECLI:NL:RBDHA:2026:8889
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid beroep tegen afwijzing asielaanvraag wegens vertrek met onbekende bestemming
Eiser, van Algerijnse nationaliteit, diende op 18 november 2023 een asielaanvraag in. Na een aanvullend nader gehoor waarvoor hij niet verscheen, wees de minister de aanvraag af als kennelijk ongegrond op grond van artikel 30b, eerste lid, onder a, van de Vreemdelingenwet 2000. Tevens werd een terugkeerbesluit opgelegd.
Eiser stelde beroep in, maar de rechtbank constateerde dat hij sinds 26 juni 2024 met onbekende bestemming is vertrokken en geen contact meer onderhoudt met zijn gemachtigde. Hierdoor ontbrak het aan een rechtens te beschermen belang bij een inhoudelijke beoordeling van het beroep.
De rechtbank overwoog dat ook een ambtshalve beoordeling van het terugkeerbesluit en mogelijke schending van het refoulementbeginsel onvoldoende belang had, omdat eiser al bijna twee jaar niet in beeld is bij de autoriteiten en het onduidelijk is waar hij zich bevindt.
Daarom verklaarde de rechtbank het beroep niet-ontvankelijk en deed geen inhoudelijke uitspraak over de rechtmatigheid van het bestreden besluit. Eiser kreeg geen proceskostenvergoeding.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van de asielaanvraag wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens gebrek aan procesbelang.