ECLI:NL:RBDHA:2026:8397
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing asielaanvraag Nigeriaanse artiest wegens ongeloofwaardigheid en motiveringsgebrek
Eiser, een Nigeriaanse artiest die kritiek uitte op de overheid via zijn muziek, vroeg asiel aan in Nederland na bedreigingen en een huisinval door militairen. De minister wees zijn aanvraag af wegens onvoldoende onderbouwing en ongeloofwaardigheid van zijn verhaal, met name over de impact van zijn muziek en de dreigingen.
De rechtbank onderzocht of de geloofwaardigheidsbeoordeling van de minister in strijd was met het Unierecht, of de minister ten onrechte niet op de vrees voor de Indigenous People of Biafra (IPOB) was ingegaan, en of de medische situatie van eiser een schending van artikel 3 EVRM Pro bij terugkeer opleverde. De rechtbank oordeelde dat de minister terecht de verklaringen over de inval, bedreigingen en bekendheid ongeloofwaardig achtte, en dat eiser onvoldoende aannemelijk had gemaakt dat hij op een gezochte personenlijst stond.
Hoewel de rechtbank een motiveringsgebrek constateerde bij de beoordeling van de ontsnapping uit Oyibo, passeerde zij dit met toepassing van artikel 6:22 Awb Pro omdat de overige gronden de afwijzing rechtvaardigen. De medische problematiek leidde niet tot een andere uitkomst omdat eiser uitstel van vertrek had gekregen. Het beroep werd ongegrond verklaard, maar de minister werd veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten van eiser.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van de asielaanvraag wordt ongegrond verklaard, met proceskostenvergoeding aan eiser.