Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[eiser], eiserV-nummer: [V-nummer]
de minister van Asiel en Migratie, verweerder
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
www.rechtspraak.nl.
Rechtbank Den Haag
Eiser, met de Marokkaanse nationaliteit, is op 5 november 2025 onderworpen aan een maatregel van bewaring op grond van artikel 59, eerste lid, onder a, van de Vreemdelingenwet 2000. Hij heeft beroep ingesteld tegen het voortduren van deze maatregel. De rechtbank heeft het onderzoek gesloten zonder zitting.
Eiser stelde dat verweerder onvoldoende voortvarend handelde bij zijn uitzetting naar Marokko, omdat hij verwachtte op 26 februari 2026 te vliegen terwijl er toen nog geen vlucht geboekt was. Verweerder overlegde een voortgangsrapport waaruit bleek dat op 19 februari 2026 een vluchtaanvraag was verzonden en geaccordeerd, en dat de vlucht uiteindelijk op 5 maart 2026 was geboekt.
De rechtbank oordeelde dat de maatregel van bewaring tot het moment van het sluiten van het onderzoek rechtmatig was en dat het voortduren daarvan sinds 10 februari 2026 eveneens rechtmatig is. Het beroep is daarom ongegrond verklaard. Tevens is het verzoek om schadevergoeding afgewezen en is geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep tegen het voortduren van de maatregel van bewaring wordt ongegrond verklaard.