ECLI:NL:RBDHA:2026:16571
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- T.G. Noordhof
- Rechtspraak.nl
Beroep ongegrond tegen niet in behandeling nemen asielaanvraag wegens Dublinverordening en interstatelijk vertrouwensbeginsel
Eiser heeft beroep ingesteld tegen het besluit van de minister van Asiel en Migratie om zijn aanvraag voor een verblijfsvergunning asiel niet in behandeling te nemen, omdat Spanje verantwoordelijk is voor de behandeling van zijn aanvraag op grond van de Dublinverordening.
De rechtbank heeft het beroep op 12 mei 2026 behandeld en beoordeelt of het interstatelijk vertrouwensbeginsel kan worden weerlegd. Eiser stelde dat Spanje tekortschiet in de opvang en behandeling van asielzoekers, onder meer vanwege een uitspraak van het Spaanse hooggerechtshof, een lopende inbreukprocedure van de Europese Commissie en rapporten over de situatie van asielzoekers in Spanje.
De rechtbank oordeelt dat de minister terecht uitgaat van het interstatelijk vertrouwensbeginsel, omdat eiser onvoldoende aannemelijk heeft gemaakt dat Spanje zijn internationale verplichtingen schendt. De aangevoerde omstandigheden, waaronder het risico op inhumane opvang en problemen voor niet-Spaanstalige asielzoekers, zijn niet voldoende onderbouwd of niet vergelijkbaar met de situatie van eiser.
Ook het beroep op de discretionaire bevoegdheid van artikel 17 van Pro de Dublinverordening om de aanvraag aan zich te trekken, faalt omdat eiser geen bijzondere, individuele omstandigheden heeft gesteld die een onevenredige hardheid opleveren.
Het beroep wordt ongegrond verklaard, waardoor het besluit van de minister in stand blijft en eiser geen proceskostenvergoeding ontvangt.
Uitkomst: Het beroep wordt ongegrond verklaard en het besluit om de asielaanvraag niet in behandeling te nemen blijft in stand.