ECLI:NL:RBDHA:2025:8564
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Nederland verantwoordelijk voor behandeling asielaanvraag na systeemfouten in Poolse procedure
Eiser diende op 15 januari 2025 een asielaanvraag in Nederland in, maar deze werd niet in behandeling genomen omdat Polen als verantwoordelijke lidstaat werd aangemerkt op grond van de Dublinverordening. Eiser werd op 3 april 2025 overgedragen aan Polen, waar ondanks een gerechtelijk verbod en toezeggingen geprobeerd werd hem uit te zetten naar Tadzjikistan, een land waar hij risico loopt op foltering en onmenselijke behandeling vanwege zijn religie.
De rechtbank constateert dat er sprake is van systeemfouten in de Poolse asielprocedure, waaronder het niet naleven van een uitleveringsverbod en mishandeling door Poolse autoriteiten. Hierdoor kan Polen eiser niet adequaat beschermen tegen uitzetting en schending van zijn mensenrechten. Het Europese Hof voor de Rechten van de Mens had een interim measure toegekend die overdracht tijdelijk verbood, maar deze werd niet verlengd.
De rechtbank oordeelt dat Nederland op grond van artikel 3, tweede lid, van de Dublinverordening verantwoordelijk is voor de behandeling van de asielaanvraag. Verweerder wordt opgedragen eiser per ommegaande terug te leiden naar Nederland en zijn asielaanvraag in behandeling te nemen. Tevens wordt verweerder veroordeeld tot betaling van proceskosten aan eiser.
Uitkomst: De rechtbank bepaalt dat Nederland verantwoordelijk is voor de behandeling van de asielaanvraag en beveelt onmiddellijke terugleiding van eiser vanuit Polen naar Nederland.