ECLI:NL:RBDHA:2025:5138
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- S. Ketelaars - Mast
- Rechtspraak.nl
Beroep ongegrond tegen niet in behandeling nemen asielaanvraag op grond van Dublinverordening
Eiseres heeft beroep ingesteld tegen het besluit van de minister van Asiel en Migratie om haar asielaanvraag niet in behandeling te nemen omdat Frankrijk volgens de Dublinverordening verantwoordelijk is voor de behandeling. Eiseres voerde aan dat haar persoonlijke omstandigheden, waaronder een aangifte van mensenhandel en de beperkte opvangmogelijkheden in Frankrijk, onvoldoende in onderlinge samenhang zijn meegewogen en dat de minister onzorgvuldig handelde door haar geen bedenktijd te gunnen.
De rechtbank overweegt dat het interstatelijk vertrouwensbeginsel geldt ten aanzien van Frankrijk en dat de minister terecht heeft aangenomen dat er opvang beschikbaar is. De persoonlijke omstandigheden van eiseres zijn besproken en hebben niet geleid tot toepassing van artikel 17 van Pro de Dublinverordening. Het ontbreken van een formele bedenktijd ex artikel 6 van Pro Richtlijn 2004/81 heeft eiseres niet in haar belangen geschaad, gezien de verstreken tijd en de voorzieningen die zij had.
Het beroep wordt ongegrond verklaard, waardoor het besluit om de asielaanvraag niet in behandeling te nemen in stand blijft en eiseres aan Frankrijk kan worden overgedragen. Er wordt geen proceskostenvergoeding toegekend. De uitspraak is gedaan door rechter S. Ketelaars - Mast en griffier H.A. van der Wal.
Uitkomst: Het beroep van eiseres wordt ongegrond verklaard en haar asielaanvraag wordt niet in behandeling genomen; overdracht aan Frankrijk blijft mogelijk.