ECLI:NL:RBDHA:2025:14905
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing mvv-aanvraag wegens ontbreken beschermwaardig gezinsleven en belangenafweging
Eiseres, een Syrische vrouw woonachtig in Syrië, verzocht om een machtiging tot voorlopig verblijf (mvv) in Nederland om bij haar zoon (referent) en kleindochter te kunnen verblijven. De minister wees de aanvraag af omdat er geen beschermwaardig gezinsleven bestond tussen eiseres en haar zoon, ondanks het erkende gezinsleven met haar kleindochter. De rechtbank toetste deze afwijzing en oordeelde dat de minister terecht geen bijkomende elementen van afhankelijkheid aannam tussen eiseres en haar zoon, ondanks hun 28 jaar samenwoning in Syrië.
De rechtbank stelde dat financiële steun door de zoon niet voldoende was onderbouwd en dat de gezondheidssituatie van eiseres geen afhankelijkheid van haar zoon aannemelijk maakte. De belangenafweging, waarbij het belang van het kind en het economisch belang van Nederland werden meegewogen, viel in het nadeel van eiseres uit. De minister had de belangen van het kind voldoende betrokken en het economisch belang van Nederland zwaar laten meewegen vanwege het risico dat eiseres ten laste zou komen van de publieke middelen.
De rechtbank concludeerde dat de minister de aanvraag terecht had afgewezen en verklaarde het beroep ongegrond. Eiseres krijgt geen verblijfsvergunning, geen vergoeding van proceskosten en het griffierecht wordt niet teruggegeven. De uitspraak is gedaan door rechter E.E.M. van Abbe op 11 juli 2025.
Uitkomst: De rechtbank wijst het beroep af en bevestigt de afwijzing van de mvv-aanvraag wegens ontbreken van beschermwaardig gezinsleven en een belangenafweging die in het nadeel van eiseres uitvalt.