ECLI:NL:RBDHA:2024:2484
Rechtbank Den Haag
- Voorlopige voorziening+bodemzaak
- Rechtspraak.nl
Afwijzing beroep tegen niet in behandeling nemen asielaanvraag wegens Dublinverordening en overdracht aan Bulgarije
Eiser, met de Syrische nationaliteit, heeft beroep ingesteld tegen het besluit van de staatssecretaris om zijn asielaanvraag niet in behandeling te nemen omdat Bulgarije verantwoordelijk is volgens de Dublinverordening.
Eiser betoogt dat het besluit in strijd is met het zorgvuldigheids- en motiveringsbeginsel, en dat de situatie in Bulgarije mensonterend is, met slechte opvang, onhygiënische omstandigheden, mishandeling en gebrek aan rechtsbijstand. Hij stelt dat het interstatelijke vertrouwensbeginsel niet kan gelden en dat nader onderzoek had moeten plaatsvinden.
De rechtbank oordeelt dat het interstatelijke vertrouwensbeginsel ten opzichte van Bulgarije in het algemeen geldt, zoals bevestigd in recente uitspraken van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State. Eiser heeft onvoldoende aannemelijk gemaakt dat hij persoonlijk een reëel risico loopt op een schending van artikel 3 EVRM Pro of artikel 4 Handvest Pro bij overdracht aan Bulgarije.
De rechtbank stelt dat Bulgarije garanties biedt voor een correcte behandeling van asielaanvragen en dat eiser klachten kan indienen bij de Bulgaarse autoriteiten. Het beroep wordt daarom kennelijk ongegrond verklaard en het verzoek om voorlopige voorziening niet-ontvankelijk. Eiser krijgt geen proceskostenvergoeding.
Uitkomst: Het beroep wordt kennelijk ongegrond verklaard en het verzoek om voorlopige voorziening niet-ontvankelijk.