ECLI:NL:RBDHA:2024:21797
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep ongegrond tegen weigering asielaanvraag wegens verantwoordelijkheid Frankrijk volgens Dublinverordening
Eiser, van Nigeriaanse nationaliteit, vroeg op 29 juli 2024 asiel aan in Nederland. Verweerder nam de aanvraag niet in behandeling op grond van artikel 30, eerste lid, van de Vreemdelingenwet 2000, omdat Frankrijk volgens de Dublinverordening verantwoordelijk is. Frankrijk aanvaardde het verzoek tot terugname op 3 september 2024.
Eiser stelde dat Frankrijk zijn internationale verplichtingen niet nakomt, onder meer door gebrek aan onderdak, onvoldoende uitkering, geen toegang tot arbeidsmarkt en medische zorg, en dat klachten niet serieus werden genomen. Hij vreesde dat zijn aanvraag niet in behandeling zou worden genomen en dat hij opnieuw zonder onderdak zou komen te zitten, wat strijdig zou zijn met artikel 4 van Pro het Handvest.
De rechtbank oordeelde dat verweerder in beginsel mag uitgaan van het interstatelijk vertrouwensbeginsel en dat eiser onvoldoende aannemelijk heeft gemaakt dat Frankrijk zijn verplichtingen niet nakomt. Er is geen reëel risico op een behandeling in strijd met artikel 3 EVRM Pro of artikel 4 Handvest Pro. Ook is geen sprake van bijzondere omstandigheden die overdracht onevenredig hard maken volgens artikel 17 Dublinverordening Pro.
Het beroep wordt daarom ongegrond verklaard en er is geen aanleiding voor proceskostenvergoeding. De uitspraak is gedaan door rechter S.E. van de Merbel op 18 december 2024 en openbaar gemaakt.
Uitkomst: Het beroep tegen het besluit om de asielaanvraag niet in behandeling te nemen is ongegrond verklaard.