ECLI:NL:RBDHA:2024:1082
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Ongegrond beroep tegen voortduren maatregel bewaring en zicht op uitzetting naar Gambia
Eiser, met de Gambiaanse nationaliteit, heeft beroep ingesteld tegen het voortduren van een maatregel van bewaring die op 12 oktober 2023 door de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid is opgelegd op grond van artikel 59 van Pro de Vreemdelingenwet 2000. De rechtbank heeft eerder vastgesteld dat de maatregel tot het moment van het sluiten van het onderzoek op 13 december 2023 rechtmatig was.
De beoordeling richt zich daarom op de periode na 13 december 2023. Eiser stelt dat er geen zicht is op uitzetting naar Gambia binnen een redelijke termijn omdat nog geen laissez-passer is afgegeven. De rechtbank verwijst naar een eerdere uitspraak en de jurisprudentie van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State, waaruit volgt dat in het algemeen wel sprake is van zicht op uitzetting naar Gambia.
Daarnaast blijkt uit vertrekgesprekken dat eiser weigert mee te werken aan zijn vertrek, waardoor het ontbreken van een laissez-passer mede aan hem te wijten is. De rechtbank verklaart het beroep ongegrond en wijst het verzoek om schadevergoeding af. Een proceskostenveroordeling wordt niet opgelegd. Tegen deze uitspraak staat geen rechtsmiddel open.
Uitkomst: Het beroep tegen het voortduren van de maatregel van bewaring wordt ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding wordt afgewezen.