ECLI:NL:RBDHA:2023:4697
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep tegen niet in behandeling nemen asielaanvraag wegens Dublinverordening en tijdelijke opschorting overdracht Italië
Eiser, van Palestijnse afkomst, heeft op 14 augustus 2022 asiel aangevraagd in Nederland. Verweerder heeft de aanvraag niet in behandeling genomen omdat Italië verantwoordelijk is voor de behandeling op grond van de Dublinverordening, aangezien eiser op 16 juni 2022 illegaal Italië is binnengekomen.
Eiser betoogt dat het interstatelijk vertrouwensbeginsel niet op Italië kan worden toegepast vanwege een circular letter waarin Italië een tijdelijke opschorting van overdrachten vraagt wegens opvangtekorten. De rechtbank oordeelt dat dit slechts een tijdelijk feitelijk overdrachtsbeletsel betreft en geen structurele tekortkomingen in de opvangvoorzieningen.
De rechtbank verwijst naar eerdere uitspraken van de Afdeling bestuursrechtspraak die het interstatelijk vertrouwensbeginsel bevestigen en dat onzekerheid over overdracht van beperkte duur is. Het beroep van eiser wordt ongegrond verklaard omdat hij onvoldoende aannemelijk heeft gemaakt dat Italië zijn verdragsverplichtingen niet nakomt.
De rechtbank wijst erop dat indien de opschorting wordt opgeheven, overdracht alsnog kan plaatsvinden, en bij overschrijding van de overdrachtstermijn zal eiser in de nationale procedure worden opgenomen. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het beroep tegen het niet in behandeling nemen van de asielaanvraag is ongegrond verklaard.