ECLI:NL:RBDHA:2023:12255
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling rechtmatigheid maatregel van bewaring op grond van de Vreemdelingenwet 2000
De rechtbank Den Haag heeft op 1 augustus 2023 uitspraak gedaan in een bestuursrechtelijke zaak waarin eiser beroep instelde tegen de maatregel van bewaring opgelegd door de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid op 27 juni 2023. Eiser betoogde dat deze maatregel onrechtmatig was omdat de voorgaande maatregel van 19 juni 2023 onrechtmatig was en dat de staatssecretaris een lichter middel had moeten toepassen. Tevens stelde eiser dat de staatssecretaris onvoldoende voortvarend handelde bij de uitzetting en dat het zicht op uitzetting ontbrak.
De rechtbank oordeelt dat het beroep ongegrond is en dat de maatregel van bewaring rechtmatig is. De eerdere gegrondverklaring van de maatregel van 19 juni 2023 betrof slechts een korte periode van 24 tot 27 juni 2023 en maakt de huidige maatregel niet onrechtmatig. De rechtbank stelt vast dat de staatssecretaris terecht geen lichter middel toepaste, mede omdat eiser geen vaste verblijfplaats heeft en een inreisverbod heeft. Voorts is gebleken uit voortgangsrapportages en vertrekgesprekken dat de staatssecretaris voldoende inspanningen heeft verricht, ondanks het gebrek aan medewerking van eiser en de Marokkaanse autoriteiten.
Het verzoek om schadevergoeding wordt afgewezen omdat de huidige maatregel rechtmatig is. De rechtbank ziet ook geen aanleiding om ambtshalve tot een ander oordeel te komen. Tegen deze uitspraak kan hoger beroep worden ingesteld bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State binnen één week na bekendmaking.
Uitkomst: Het beroep tegen de maatregel van bewaring is ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding is afgewezen.