ECLI:NL:RBDHA:2023:12132
Rechtbank Den Haag
- Verzet
- B.F.Th. de Roos
- Rechtspraak.nl
Verzet tegen niet tijdig beslissen op asielaanvraag ongegrond verklaard
De opposant heeft verzet ingesteld tegen een eerdere uitspraak waarin het beroep tegen het niet tijdig beslissen op zijn asielaanvraag niet-ontvankelijk werd verklaard wegens prematuriteit van de ingebrekestelling.
De rechtbank heeft in het verzet beoordeeld of er redelijke twijfel bestond over het eerdere oordeel. De opposant verwees naar jurisprudentie waarin werd geoordeeld dat de verlenging van beslistermijnen in asielzaken via WBV 2022/22 niet rechtsgeldig zou zijn, en stelde dat zolang de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State hierover geen uitspraak heeft gedaan, er divergentie in de rechtspraak bestaat.
De rechtbank oordeelde dat deze divergentie en de verwijzing naar andere uitspraken geen aanleiding geven tot twijfel over het eerdere oordeel. De zittingsplaats Middelburg had reeds in meerdere uitspraken in gelijke zin geoordeeld over WBV 2022/22. Het verzet is daarom ongegrond verklaard en de eerdere uitspraak blijft in stand.
Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling en tegen deze uitspraak staat geen rechtsmiddel open.
Uitkomst: Het verzet tegen de niet tijdige beslissing op de asielaanvraag is ongegrond verklaard en de eerdere uitspraak blijft in stand.