Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[naam], eiser
de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder
Procesverloop
Overwegingen
[naam3]’, ondertekend door eiser op 28 augustus 2021 en een uittreksel van de Kvk [8] van ‘
[naam4]’van 28 september 2021. Verweerder heeft daarover in het bestreden besluit opgemerkt dat niet duidelijk is hoe deze ondernemingen functioneren. Verweerder hecht er kennelijk belang aan om hier inzicht in te verkrijgen. Dit wijst erop dat bij verweerder naar aanleiding van de overgelegde stukken vragen zijn gerezen en dat de te maken belangenafweging in de bezwaarfase nog niet volledig was uitgekristalliseerd. Gelet op het voorgaande is daarom niet gebleken van een situatie waarin geen discussie meer aan de orde was over de vraag of het bezwaar kennelijk ongegrond was en heeft verweerder ten onrechte een hoorzitting achterwege gelaten. De beroepsgrond slaagt.
- het stellen en handhaven van regels ten aanzien van de toelating en het verblijf van vreemdelingen;
- de openbare orde en nationale veiligheid;
- het voorkomen van wanordelijkheden en strafbare feiten;
- de bescherming van de gezondheid of van de goede zeden;
- de bescherming van de rechten en vrijheden van anderen; en
- het economisch welzijn van het land.