Uitspraak
Rechtbank DEN HAAG
1.Het onderzoek ter terechtzitting
2.De tenlastelegging
3.Aard van de zaak
4.De bewijsbeslissing
moestvan de verdachte dood om de mishandelingen van [kind] van de verdachte en [slachtoffer] , waarvan hij overtuigd was dat ze plaatsvonden, te stoppen. De verdachte heeft verklaard dat [slachtoffer] om 23:00 uur [kind] zou hebben geknepen en dat zij toen naar de woonkamer is gegaan. De verdachte is zelf ook naar de woonkamer gegaan. Zij hebben daar samen enkele uren gezeten en toen heeft hij besloten haar te doden en hiertoe een koord van een badjas te pakken. De verdachte is vervolgens de woonkamer uitgelopen en naar de aangrenzende slaapkamer gegaan. Aan de achterkant van de slaapkamerdeur hing een badjas. De verdachte heeft het koord van die badjas losgetrokken. Met het koord in de hand is hij terug naar de woonkamer gegaan, waar [slachtoffer] voor de tv zat. Daar heeft hij het koord om de nek van [slachtoffer] gedaan en heeft, volgens zijn eigen verklaring, misschien wel 5 of 6 minuten aan dat koord getrokken. De verdachte is daarmee gestopt toen [slachtoffer] op de vloer viel.
5.De strafbaarheid van het bewezen verklaarde
6.De strafbaarheid van de verdachte
7.De voorwaardelijke verzoeken van de verdediging
8.De straf en de maatregel
9.De vordering van de benadeelde partijen en de schadevergoedingsmaatregelen
normschending jegens een ander(te weten: het slachtoffer).
10.De toepasselijke wetsartikelen
11.De beslissing
gevangenisstrafvoor de duur van
10 (tien) JAREN;
ter beschikking zal worden gestelden beveelt dat hij
van overheidswege zal worden verpleegd;
- een bedrag van
- een bedrag van
- een bedrag van
verplichting om aan de Staat te betalen
- een bedrag van
- een bedrag van
- een bedrag van
135 (honderdvijfendertig) dagen, respectievelijk
122 (honderdtweeëntwintig) dagenen respectievelijk
60 (zestig) dagenwaarbij de toepassing van gijzeling de hiervoor opgelegde betalingsverplichting niet opheft;
1. Het proces-verbaal van bevindingen, opgemaakt op 18 oktober 2020, voor zover inhoudende (p. 66 en 67):
2. Het proces-verbaal aanhouding verdachte, opgemaakt op 18 oktober 2020, voor zover inhoudende (p. 13 t/m 15):
3. Het proces-verbaal van bevindingen, opgemaakt op 18 oktober 2020, voor zover inhoudende (p. 57 en 58):
4. Het proces-verbaal forensisch overlijdensonderzoek persoon [slachtoffer] (01/07/1982), opgemaakt op 17 november 2020, voor zover inhoudende (p. 441 t/m 443):
Op dinsdag 20 oktober 2020 om 22:00 uur werd door de aangewezen schouwarts,
6. Het proces-verbaal van verhoor verdachte, opgemaakt op 18 oktober 2020, voor zover inhoudende (p. 29 t/m 35):
(de rechtbank begrijpt: de verdachte en [slachtoffer] )in de woonkamer gebleven (…) Ze zat gewoon daar. Op een gegeven moment heb ik een touw gepakt van dat ding als je uit de badkamer komt. Dat touw heb ik om haar nek gedaan en daaraan heb ik getrokken.
tmet touw?
dmet de badjas?