ECLI:NL:RBDHA:2022:13529
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- B.F.Th. de Roos
- Rechtspraak.nl
Vernietiging niet tijdig besluit asielaanvraag en oplegging rechterlijke dwangsom
Eiser heeft beroep ingesteld wegens het niet tijdig beslissen op zijn asielaanvraag, die op 10 november 2021 werd ingediend. De wettelijke beslistermijn van zes maanden was op 10 mei 2022 verstreken zonder dat verweerder een besluit had genomen. Eiser stelde verweerder op 16 mei 2022 rechtsgeldig in gebreke en diende daarna tijdig beroep in.
De rechtbank oordeelt dat het beroep gegrond is omdat het niet tijdig nemen van een besluit gelijkstaat aan een besluit en dat de wettelijke beslistermijn is overschreden zonder verlenging. De rechtbank bepaalt dat verweerder binnen acht weken na verzending van de uitspraak alsnog een besluit moet nemen, waarbij rekening wordt gehouden met zorgvuldigheid en eerdere aanmeldgehoor.
Daarnaast legt de rechtbank een dwangsom op van €100 per dag met een maximum van €7.500 voor elke dag dat verweerder in gebreke blijft. Tevens wordt verweerder veroordeeld in de proceskosten van eiser. De rechtbank wijst het beroep op de Tijdelijke wet opschorting dwangsommen IND af en bevestigt dat de rechterlijke dwangsom passend is in deze asielprocedure.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard, het niet tijdig nemen van een besluit wordt vernietigd en verweerder wordt opgedragen binnen acht weken alsnog te beslissen met een dwangsom van €100 per dag bij overschrijding.