ECLI:NL:RBDHA:2021:5643
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling WOZ-waarde woonzorgcentrum Bernardus en bezwaar tegen aanslag OZBG 2019
Eiseres, gebruiker van het woonzorgcentrum Bernardus, maakte bezwaar tegen de vastgestelde WOZ-waarde en de daarop gebaseerde aanslag onroerende-zaakbelastingen gebruiker (OZBG) voor 2019. Verweerder had de waarde van de onroerende zaak vastgesteld op € 11.296.000 op basis van de gecorrigeerde vervangingswaarde volgens de Taxatiewijzer 2018.
Eiseres stelde dat de restwaarden voor ruwbouw, afbouw en installaties lager moesten zijn dan in de Taxatiewijzer en dat verweerder onvoldoende rekening had gehouden met de levensduur van het pand. Verweerder onderbouwde de waarde met een waarderapport en archetypen uit de Taxatiewijzer, waarbij ook rekening was gehouden met technische en functionele veroudering.
De rechtbank oordeelde dat verweerder zijn waardering op een verifieerbare wijze had onderbouwd en dat de Taxatiewijzer een betrouwbare basis vormt. De door eiseres aangevoerde jurisprudentie en taxatierapporten boden onvoldoende aanleiding om de waarde te verlagen. Het beroep werd daarom ongegrond verklaard en de aanslag bevestigd.
Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd. De uitspraak werd gedaan door rechter D.M. Drok op 13 april 2021.
Uitkomst: Het beroep tegen de vastgestelde WOZ-waarde en aanslag OZBG 2019 wordt ongegrond verklaard.