ECLI:NL:RBDHA:2021:12540
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Herziening en terugvordering van bijstand wegens niet gemelde inkomsten en verblijf in buitenland
Eiseres ontvangt sinds 2015 een bijstandsuitkering. Naar aanleiding van een anonieme melding over onderverhuur en inkomsten uit catering heeft verweerder onderzoek gedaan. Uit het onderzoek bleek dat eiseres contante stortingen en bijschrijvingen van derden op haar bankrekeningen ontving en langer dan toegestaan in het buitenland verbleef.
Verweerder heeft het recht op bijstand over de periode van oktober 2016 tot maart 2020 herzien en een bedrag van €3.075,01 bruto teruggevorderd. Eiseres voerde aan dat zij geen niet-gemelde inkomsten had en dat het onderzoek ontoereikend was, maar kon dit niet onderbouwen.
De rechtbank oordeelt dat eiseres de inlichtingenplicht heeft geschonden door de stortingen niet te melden. Leningen zijn niet vrijgesteld van het middelenbegrip. Ook het verblijf in het buitenland rechtvaardigt herziening. Een belangenafweging is niet mogelijk bij herziening en terugvordering. Het beroep is ongegrond verklaard en het terugvorderingsbedrag is terecht vastgesteld.
Uitkomst: Het beroep van eiseres tegen de herziening en terugvordering van bijstand is ongegrond verklaard.