Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
[eiser] , eiser V-nummer: [V-nummeraanduiding]
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
- verklaart het beroep ongegrond;
- wijst het verzoek om schadevergoeding af.
Rechtbank Den Haag
Eiser, een asielzoeker met de Poolse nationaliteit, werd in bewaring gesteld op grond van artikel 59b van de Vreemdelingenwet 2000 vanwege het risico dat hij zich aan toezicht zou onttrekken. Verweerder legde de maatregel op met verwijzing naar zware gronden, waaronder het niet naleven van een vertrektermijn en een inreisverbod.
Eiser betwistte de meeste gronden, maar de rechtbank stelde vast dat de zware gronden voldoende waren toegelicht en feitelijk juist waren. De rechtbank verwierp het argument van eiser dat reisbeperkingen tijdens de coronacrisis hem verhinderden te vertrekken, omdat hij niet had aangetoond dat Polen zijn grenzen voor eigen onderdanen had gesloten.
Eiser voerde aan dat een lichter middel, zoals een meldplicht, passend zou zijn vanwege zijn angst voor onmenselijke behandeling in Polen vanwege zijn seksuele geaardheid. De rechtbank oordeelde dat verweerder voldoende had gemotiveerd waarom bewaring noodzakelijk was en dat de belangenafweging correct was gemaakt.
Het beroep werd ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding werd afgewezen. De rechtbank zag geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het beroep tegen de maatregel van bewaring wordt ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding afgewezen.