Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de enkelvoudige kamer van 14 april 2020 in de zaak tussen
[eiser] , te [woonplaats] , eiser
het college van burgemeester en wethouders van Den Haag, verweerder
Procesverloop
Overwegingen
19 november 2018 (hierna: het gesprek) met als reden:
“Bespreken mogelijkheden werksetting Rataplan”. Het gesprek vond plaats met twee werkbegeleiders van het Werkgeversservicepunt.
Bespreken mogelijkheden werksetting Rataplan”. Daarnaast schrijven de twee werkbegeleiders die bij het gesprek aanwezig waren in een emailbericht [5] aan de werkconsulent dat zij aan eiser hebben uitgelegd dat rekening zal worden gehouden met zijn schouderklachten. De Rapportage beoordelen maatregel [6] bevestigt deze gang van zaken. De stelling van eiser dat hij door de twee werkbegeleiders werd gedwongen om zware werkzaamheden te aanvaarden vindt dan ook geen steun in het dossier en wordt daarom niet gevolgd.
19 november 2018. De andere twee momenten zijn daarmee niet volledig te vergelijken. Daarnaast is de rechtbank van oordeel dat het eiser op grond van de onder 10 en 11 genoemde dossierstukken duidelijk moet zijn geweest wat het doel was van het gesprek. De rechtbank begrijpt dat eiser zich zorgen maakte omdat hij met zijn schouderklachten geen zware dingen kon tillen en sjouwen. De bedoeling was echter om met de werkbegeleiders en Rataplan in gesprek te gaan over welke lichte werkzaamheden hij wél zou kunnen verrichten. Door het werkontwikkeltraject in zijn geheel te weigeren heeft het onderzoek en de begeleiding naar wat wel mogelijk is nooit kunnen plaatsvinden.