ECLI:NL:RBDHA:2019:7916
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beëindiging schuldsaneringsregeling wegens hervatting betalingen door schuldenaar
De rechtbank Den Haag heeft op 26 juni 2019 uitspraak gedaan in een zaak betreffende de tussentijdse beëindiging van een schuldsaneringsregeling. De schuldenaar was sinds 6 juni 2016 onder de regeling geplaatst, met een bewindvoerder en rechter-commissaris benoemd. Na diverse zittingen en een verificatievergadering heeft de bewindvoerder de rechtbank geïnformeerd dat de schuldenaar voldoende betalingen heeft gedaan om een volledige uitkering aan schuldeisers te realiseren.
De rechtbank constateert dat de termijn van artikel 349a Faillissementswet is verstreken, maar dat de regeling nog niet formeel is beëindigd door het verbindend worden van de slotuitdelingslijst. Op grond hiervan en de feitelijke situatie dat de schuldenaar zijn betalingen kan hervatten, besluit de rechtbank de schuldsaneringsregeling te beëindigen op grond van artikel 350 lid 3 sub b Faillissementswet Pro.
Daarnaast stelt de rechtbank de vergoeding van de bewindvoerder vast op €3.315,42 inclusief omzetbelasting. Tegen deze uitspraak kan hoger beroep worden ingesteld via een advocaat binnen acht dagen na de uitspraak.
Uitkomst: De rechtbank beëindigt de schuldsaneringsregeling omdat de schuldenaar zijn betalingen kan hervatten.