ECLI:NL:RBDHA:2019:2250
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Intrekking asielvergunning wegens onjuiste gegevens en vestigingsalternatief Mogadishu
Eiser, een Somalische nationaliteit, kreeg in augustus 2017 een asielvergunning toegekend op basis van geloofwaardige verklaringen over detentie door Somalische regeringstroepen. Na onderzoek van social media bleek dat eiser live-video’s plaatste op Facebook in de periode waarin hij gevangen zou zijn geweest, hetgeen zijn verklaring ongeloofwaardig maakte.
Verweerder trok de asielvergunning met terugwerkende kracht in op grond van het verstrekken van onjuiste gegevens en legde een inreisverbod op. Eiser voerde aan de video's niet zelf geplaatst te hebben en betwistte de periode van detentie, maar kon het bewijs niet weerleggen. De rechtbank oordeelde dat verweerder voldoende aannemelijk had gemaakt dat eiser onjuiste gegevens had verstrekt.
Verder stelde de rechtbank vast dat eiser een binnenlands vestigingsalternatief heeft in Mogadishu, waar hij geen reëel gevaar loopt van de Somalische regering of Al Shabaab. Ook werd geoordeeld dat de intrekking geen schending van artikel 8 EVRM Pro oplevert omdat geen beschermenswaardig gezinsleven in Nederland bestaat.
Het beroep werd daarom ongegrond verklaard en het inreisverbod bevestigd. Er werd geen proceskostenveroordeling uitgesproken.
Uitkomst: Het beroep tegen de intrekking van de asielvergunning wordt ongegrond verklaard en het inreisverbod bevestigd.