Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de enkelvoudige kamer van 31 mei 2018 in de zaak tussen
[eiseres], eiseres
ProcesverloopBij besluit van 26 juni 2017 (het bestreden besluit) heeft verweerder de aanvraag van eiseres tot het verlenen van een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd in de verlengde procedure afgewezen als ongegrond.
Overwegingen
- identiteit, nationaliteit en herkomst;
- eiseres is haar islamitische geloof afgevallen;
- eiseres is bekeerd tot het christendom;
- er is een inval geweest in de woning van eiseres;
- eiseres is gevlucht omdat ze vreest door de autoriteiten te worden gevangengenomen wegens haar bekering.
: “Ik heb niet gezegd dat ik geen moslim meer ben, maar ik vond de regels niet kloppen. Ik praktiseerde het niet”(p. 15 nader gehoor, laatste vraag). Verweerder gaat echter voorbij aan het feit dat eiseres dit antwoord gaf naar aanleiding van de vraag of het voor haar man en kinderen duidelijk was dat zij niet langer een praktiserend moslim was. De rechtbank begrijpt aldus dat eiseres met haar antwoord op deze vraag heeft bedoeld dat zij tegen haar man en kinderen niet gezegd heeft geen moslim meer te zijn.
Beslissing
- verklaart het beroep gegrond;
- vernietigt het bestreden besluit;
- draagt verweerder op een nieuw besluit te nemen met inachtneming van deze uitspraak;
- veroordeelt verweerder in de proceskosten van eiseres tot een bedrag van € 1.002,