ECLI:NL:RBDHA:2018:10627
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing asielverzoek wegens ongeloofwaardigheid werkzaamheden en bekering
Eiser, een Iraanse kledingontwerper, verzocht om een verblijfsvergunning asiel vanwege vermeende problemen met autoriteiten en zijn bekering tot het christendom. Hij stelde dat hij vanwege zijn werkzaamheden en geloof gevaar liep in Iran. De staatssecretaris wees de aanvraag af wegens gebrek aan geloofwaardigheid.
De rechtbank oordeelde dat de verklaringen over de problemen met de autoriteiten tegenstrijdig en onvoldoende onderbouwd waren. Ook de bekering tot het christendom werd als ongeloofwaardig beoordeeld vanwege inconsistenties in het relaas en oppervlakkige kennis van het geloof.
Verder kon eiser niet aannemelijk maken dat hij als gevolg van zijn bekering een reëel risico loopt op ernstige schade bij terugkeer. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en wees een proceskostenveroordeling af.
De uitspraak werd gedaan door rechter Klein Tank op 21 februari 2018. Tegen deze uitspraak staat hoger beroep open bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van het asielverzoek is ongegrond verklaard vanwege ongeloofwaardigheid van de opgevoerde gronden.