ECLI:NL:RBDHA:2017:12498
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing herhaalde aanvraag verblijfsvergunning asiel en oplegging inreisverbod
Eiser, een Libische vreemdeling, verzocht herhaaldelijk om een verblijfsvergunning asiel wegens vrees voor eerwraak en zijn homoseksuele geaardheid. De eerdere asielaanvraag was afgewezen en deze afwijzing was in hoger beroep bevestigd. Verweerder wees de herhaalde aanvraag af wegens het ontbreken van nieuwe feiten en omstandigheden en legde een inreisverbod van tien jaar op vanwege strafbare feiten.
Eiser voerde aan dat het oude recht van toepassing was, dat het ne bis in idem-beginsel onjuist was toegepast en dat zijn homoseksualiteit geloofwaardig was. De rechtbank oordeelde dat het beroep tegen de asielafwijzing niet-ontvankelijk was vanwege het inreisverbod dat het rechtmatig verblijf uitsluit. Het beroep tegen het inreisverbod werd ongegrond verklaard.
De rechtbank stelde dat verweerder de geloofwaardigheid van de seksuele geaardheid van eiser zorgvuldig en volgens de geldende richtlijnen had beoordeeld en dat de veiligheidssituatie in Libië niet zodanig was dat sprake was van een reëel risico op schending van artikel 3 EVRM Pro. Het inreisverbod was terecht opgelegd vanwege de ernst van de strafbare feiten van eiser.
Uitkomst: Beroep tegen afwijzing asielaanvraag niet-ontvankelijk verklaard en beroep tegen inreisverbod ongegrond verklaard.