ECLI:NL:RBDHA:2016:6611
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing asielaanvraag Iraakse 'Black Iraqi' wegens ontbreken reëel vervolgingsrisico
Eiser, een Iraakse 'Black Iraqi' uit Bagdad, vreesde discriminatie en vervolging vanwege zijn huidskleur, afkomst en Soennitisch geloof. Hij werd in 2003 ontvoerd en vluchtte naar Nederland na eerdere illegale verblijven en terugkeer in Irak.
De staatssecretaris wees de asielaanvraag af omdat de situatie in Bagdad geen 15c-situatie betreft en eiser onvoldoende aannemelijk maakte dat hij persoonlijk een reëel risico loopt op vervolging of ernstige schade. Eiser had toegang tot documenten, gezondheidszorg en kon met moeite werk vinden in Irak.
De rechtbank oordeelde dat de discriminatie niet zodanig is dat het functioneren in Irak onmogelijk is. Het incident uit 2003 is te lang geleden en er is geen bewijs dat de ontvoerders nog naar eiser zoeken. De combinatie van huidskleur, afkomst en geloof leidt niet tot een vluchtelingenstatus.
De rechtbank volgde het standpunt van verweerder en verklaarde het beroep ongegrond. Er is geen aanleiding voor proceskostenveroordeling. Hoger beroep is mogelijk bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van de asielaanvraag wordt ongegrond verklaard en de aanvraag wordt afgewezen.