ECLI:NL:RBDHA:2015:753
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - meervoudig
- E.I. Batelaan-Boomsma
- E.E. Schotte
- J.W. van den Berge
- Rechtspraak.nl
Ongegrondverklaring beroep tegen verhuurderheffing met terugwerkende kracht
Eiseres, eigenaar van een derde deel van 51 huurwoningen, betwist de verhuurderheffing over 2013 die zij heeft voldaan. Zij stelt primair dat de terugwerkende kracht van de Wet verhuurderheffing per 1 januari 2013 in strijd is met artikel 1 van Pro het Eerste Protocol bij het EVRM. Subsidiair voert zij aan dat de heffing leidt tot ongelijke behandeling omdat zij als mede-eigenaar volledig wordt aangeslagen.
De rechtbank overweegt dat de terugwerkende kracht van de wet gerechtvaardigd en kenbaar was, mede vanwege een persbericht en parlementaire behandeling. De belangenafweging (fair balance) tussen algemeen belang en eigendomsrecht is volgens de rechtbank niet geschonden. De verhuurderheffing is niet onredelijk of buitensporig voor eiseres.
Ten aanzien van het gelijkheidsbeginsel stelt de rechtbank dat de situatie van mede-eigendom niet gelijk is aan volledige eigendom en dat de WOZ-beschikkingen slechts aan één eigenaar worden afgegeven. De door eiseres gewenste verdeling van WOZ-beschikkingen is niet mogelijk zonder wijziging van eigendomsverhoudingen.
Daarom wordt het beroep ongegrond verklaard en wordt geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep tegen de verhuurderheffing 2013 wordt ongegrond verklaard.