ECLI:NL:RBDHA:2013:BZ5061
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek fiscale eenheid buitenlandse moedervennootschap met Nederlandse dochtermaatschappijen
Eiseres, een Deense moedervennootschap en tophoudster van een wereldwijd concern, verzocht samen met veertien dochtermaatschappijen om aangemerkt te worden als fiscale eenheid voor de vennootschapsbelasting in Nederland. Dit verzoek werd door verweerder afgewezen omdat niet aan de vestigingseis in Nederland werd voldaan. De rechtbank oordeelt dat deze afwijzing terecht is en dat de Nederlandse regeling niet in strijd is met het EU-recht.
De rechtbank baseert zich op vaste jurisprudentie, waaronder het arrest van de Hoge Raad (X-Holding), waarin is bepaald dat Nederland niet verplicht is een fiscale eenheid toe te staan met een moedervennootschap die niet in Nederland is gevestigd en niet aan de Nederlandse belastingheffing is onderworpen. Het beroep van eiseres op Europese non-discriminatiebepalingen en buitenlandse jurisprudentie wordt verworpen omdat deze niet vergelijkbaar zijn met de Nederlandse situatie.
De rechtbank concludeert dat de Nederlandse regeling gerechtvaardigd is door de noodzaak de heffingsbevoegdheid tussen lidstaten te handhaven en dat het verzoek om fiscale eenheid terecht is afgewezen. Het beroep wordt ongegrond verklaard en er wordt geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep wordt ongegrond verklaard en het verzoek om fiscale eenheid afgewezen.