ECLI:NL:RBBRE:2012:BY2051
Rechtbank Breda
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vernietiging navorderingsaanslagen wegens onvoldoende voortvarendheid en toekenning immateriële schadevergoeding
Belanghebbende beschikte over een bankrekening bij Kredietbank Luxembourg die niet was opgenomen in zijn belastingaangiften over de jaren 1992-2000. De inspecteur legde navorderingsaanslagen en boetes op, waarvan belanghebbende beroep instelde. De rechtbank oordeelt dat het bewijs uit België ondanks onrechtmatigheden toch gebruikt mag worden.
De navorderingsaanslagen over 1993-1997 zijn opgelegd met een verlengde termijn van twaalf jaar, maar de inspecteur heeft onvoldoende voortvarend gehandeld door meer dan een jaar te wachten met opleggen na het beschikken over alle gegevens. Daarom worden deze aanslagen en bijbehorende boetes en heffingsrente vernietigd.
De rechtbank wijst het beroep toe voor deze jaren, maar verklaart het beroep voor de overige jaren ongegrond. Verder wordt een immateriële schadevergoeding van €500 toegekend wegens overschrijding van de redelijke termijn en worden proceskosten toegewezen aan belanghebbende. De boetes worden niet verder verminderd ondanks de termijnoverschrijding.
Uitkomst: Navorderingsaanslagen over 1993-1997 vernietigd wegens onvoldoende voortvarendheid, immateriële schadevergoeding van €500 toegekend.