ECLI:NL:RBBRE:2012:BX9616
Rechtbank Breda
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Correcte kwalificatie dienstbetrekking Poolse arbeidskrachten en matiging naheffingsaanslag loonheffing
Belanghebbende, actief in betonijzervlechtersbedrijven, voerde werkzaamheden uit via Poolse arbeidskrachten die feitelijk onder haar gezag stonden. De rechtbank stelde vast dat de overeenkomsten tussen belanghebbende en deze arbeidskrachten als arbeidsovereenkomsten moeten worden aangemerkt, ondanks dat zij formeel als zelfstandigen werden gepresenteerd.
De inspecteur legde een naheffingsaanslag loonheffing en premie volksverzekeringen op, inclusief een vergrijpboete en heffingsrente. Belanghebbende betwistte dit en voerde onder meer aan dat sprake was van zelfstandigen en dat zij mocht vertrouwen op beleidsregels en eerdere standpuntbepalingen.
De rechtbank concludeerde dat de Poolse arbeidskrachten persoonlijk en onder gezag van belanghebbende werkten, waardoor loonbelasting en premies terecht niet waren ingehouden en afgedragen. De naheffingsaanslag werd echter verminderd omdat een provisiebedrag ten onrechte was meegenomen. De boete werd gematigd vanwege de omkering van de bewijslast en overschrijding van de redelijke termijn. De rechtbank wees het beroep gegrond en veroordeelde de inspecteur in de proceskosten.
Uitkomst: De naheffingsaanslag loonheffing wordt verminderd en de boete gematigd wegens feitelijke dienstbetrekking van Poolse arbeidskrachten onder gezag van belanghebbende.