ECLI:NL:RBBRE:2009:BK8893
Rechtbank Breda
- Eerste aanleg - meervoudig
- A.F.M.Q. Beukers-van Dooren
- A.A. den Hartog
- W. Brouwer
- Rechtspraak.nl
Navordering en boetemaatregelen wegens niet opgegeven buitenlandse bankrekeningen bij KB Lux
Belanghebbende, aandeelhouder in een BV en inwoner van Nederland met Duitse nationaliteit, hield volgens microfiches van de Kredietbank Luxemburg (KB Lux) aanzienlijke buitenlandse bankrekeningen aan die hij niet in zijn belastingaangiften vermeldde. De inspecteur legde navorderingsaanslagen en boetes op voor de jaren 1990 tot en met 2002, gebaseerd op gegevens uit het zogenaamde Rekeningenproject, waarbij microfiches uit een gerechtelijk dossier in België werden gebruikt.
De rechtbank acht aannemelijk dat belanghebbende, al dan niet samen met zijn echtgenote, houder was van de rekeningen en dat hij bewust vermogen en inkomsten niet heeft opgegeven, wat kwade trouw oplevert. De navorderingstermijn van 12 jaar is niet in strijd met het EG-verdrag, mede gelet op het arrest van het Hof van Justitie van de EG. Het beroep op het vertrouwensbeginsel en het gelijkheidsbeginsel wordt verworpen.
De inspecteur heeft de aanslagen redelijk vastgesteld door uit te gaan van rendementen op deposito’s en staatsobligaties. De boetes zijn passend geacht, maar worden gematigd tot 80% vanwege de omkering van de bewijslast en verder met 20% wegens overschrijding van de redelijke termijn. De heffingsrente is terecht vastgesteld. De rechtbank veroordeelt de inspecteur in de proceskosten van belanghebbende.
Uitkomst: Navorderingsaanslagen worden bevestigd, boetes gematigd wegens overschrijding redelijke termijn en omkering bewijslast.