ECLI:NL:RBBRE:2008:BD1253
Rechtbank Breda
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Leaseconstructie ziekenhuis leidt tot misbruik van recht en naheffingsaanslag omzetbelasting
Belanghebbende, een commanditaire vennootschap waarin het ziekenhuis als commanditair vennoot participeert, kocht in 2002 roerende zaken die zij vervolgens verhuurde aan het ziekenhuis. De goederen werden door de leverancier aan belanghebbende geleverd en niet aan het ziekenhuis. De rechtbank stelde vast dat het ziekenhuis weliswaar een aanzienlijk economisch belang bij de goederen had, maar dat dit niet leidde tot levering aan het ziekenhuis.
De rechtbank oordeelde dat de constructie misbruik van recht opleverde omdat het beoogde resultaat een belastingvoordeel was dat in strijd is met de doelstellingen van de Zesde richtlijn en de Wet op de omzetbelasting 1968. De onzakelijke huur- en optievoorwaarden tussen belanghebbende en het ziekenhuis bevestigden het kunstmatige karakter van de constructie.
Het beroep op het vertrouwensbeginsel werd verworpen omdat belanghebbende niet aannemelijk had gemaakt dat de inspecteur een uitdrukkelijk standpunt had ingenomen dat de aftrek van voorbelasting terecht was. De rechtbank vernietigde de uitspraken op bezwaar, verminderde de naheffingsaanslag tot €891.500 en veroordeelde de inspecteur in de proceskosten.
Uitkomst: De naheffingsaanslag omzetbelasting wordt verminderd tot €891.500 wegens misbruik van recht in de leaseconstructie.